Nieuwe verbruikstest WLTP: wat verandert er?

Het is een veelbesproken onderwerp: de brandstofverbruikswaarden die autofabrikanten opgeven zijn onrealistisch en wijken sterk af van de door gebruikers behaalde praktijkwaarden. Vanaf 1 september moet een nieuwe testmethode daar verandering in brengen. We nemen afscheid van de verouderde NEDC-test en verwelkomen WLTP – maar wat houdt deze verandering precies in? Dat hebben wij voor je uitgezocht.

De oude test, die verwarrend genoeg New European Driving Cycle heet, is in de jaren ’80 ontwikkeld. De test heeft als doel om het verbruik van verschillende auto’s onderling te kunnen vergelijken, evenals de uitstoot van schadelijke gassen die daarmee samenhangt. Hoewel de tests telkens volgens hetzelfde protocol worden uitgevoerd zijn er al heel lang twijfels over de relevantie van de uitkomst bij dagelijks gebruik.

Tijdens de test staat de auto namelijk gesimuleerd bijna een kwart van de tijd stil, rijdt hij veel constante snelheden en wordt er onrealistisch traag mee geaccelereerd. Daarnaast mogen fabrikanten de test tot in de puntjes voorbereiden. Het harder oppompen van banden, van tevoren helemaal opladen van de accu en het optimaliseren van de omgevingstemperatuur is bij de rollenbanktest allemaal toegestaan.

Wat verandert er onder WLTP?

De rollenbanktest wordt realistischer (illustratie: WLTPFacts.eu)
WLTP, zoals de nieuwe testmethode heet, staat voor Worldwide Harmonised Light Vehicle Test Procedure. De nieuwe test is dus niet enkel voor Europees, maar voor wereldwijd gebruik bedoeld. Daar komt gelijk een nadeel om de hoek kijken, want de nieuwe test staat bol van de compromissen. Zo wordt er nog steeds getest bij relatief hoge temperaturen tussen de 20 en 26 graden Celsius, waarbij een motor zuiniger presteert. Ter illustratie: de gemiddelde temperatuur in Europa ligt tussen de 10 en 12 graden.

Tijdens de nieuwe test wordt het gewicht van de auto wel realistischer bepaald. Een stadsauto en een bestelauto worden onder de NEDC-test gevuld met nagenoeg hetzelfde gewicht, onder de WLTP-procedure wordt een busje navenant zwaarder beladen. Ook mag een fabrikant de auto minder vergaand prepareren.

Onderdeel van de WLTP-test is de WLTC-rijcyclus, die een stuk afwisselender is dan de oude. De nieuwe testroute, die gereden wordt op een rollenbank, is met 23 km ruim tweemaal zo lang als de 11 km die nu wordt afgelegd. Ook ligt de gemiddelde snelheid aanzienlijk hoger, wordt er een stuk gevarieerder gereden en zijn er minder lange stops. De behaalde topsnelheid is met 131 km/u realistischer dan de 120 km/u die nu gehanteerd wordt.

Ondanks deze aanpassingen wijst onderzoek door TNO uit dat de verschillen in uitkomst tussen de WLTP-cyclus en de NEDC-cyclus beperkt blijven. Afwijkingen in CO2-uitstoot van meer dan 10 g/km (en dus in brandstofverbruik) zijn zeldzaam. De verschillen komen niet zo zeer voort uit het gebruik van een nieuwe testcyclus, maar uit het strengere protocol. Met name de beperktere vrijheid om auto’s voor de test te prepareren maakt dat de WLTP-test realistischere cijfers oplevert.

WLTP-resultaat versus praktijkverbruik
Autofabrikant Opel bracht al in een vroeg stadium verbruikscijfers volgens de WLTP-cyclus naar buiten. Bij de WLTP-test worden ook uitrustingsverschillen van eenzelfde model meegenomen, wat meerdere verbruikswaarden per autotype oplevert. De door Autokopen.nl in de praktijk met Opels behaalde testverbruiken houden over het algemeen midden tussen de twee uiterst opgegeven waarden. In geen geval wordt deze overschreden, wat positief stemt.

Ook elektrische auto’s worden onderworpen aan de WLTP-test, die met name bepalend is voor de gecommuniceerde actieradius. Zo haalt de Opel Ampera-e in de NEDC-test een bereik van 500 km, in de WLTP-test blijft daar nog 380 km van over. In de praktijk blijkt de laatste waarde goed haalbaar.

Terwijl de WLTP-test wereldwijd wordt ingevoerd, werkt de Europese Unie aan de Real Driving Emissions-test. Deze wordt, zoals de naam al aangeeft, uitgevoerd op de openbare weg. Deze test is ter aanvulling op de WLTP-gegevens, die als officiële verbruikscijfers blijven gelden.

WLTP, bpm en bijtelling
De WLTP-test wordt per 1 september 2017 uitgevoerd bij nieuwe auto’s, maar naast de NEDC-test. Vanaf september 2018 worden nieuwe auto’s enkel nog aan de WLTP-test onderworpen en vanaf 1 januari 2019 mag enkel het WLTP-verbruik nog genoemd worden. Tijdens de overgangsfase kan het zijn dat er twee verschillende CO2- en verbruikswaarden vermeld worden bij nieuwe auto’s.

Vanaf 1 januari 2019 heeft de WLTP-test ook invloed op de Belasting Personenauto’s en Motorvoertuigen (bpm), die je betaalt bij aanschaf van een nieuwe auto. De hoogte van deze belasting is afhankelijk van de hoeveelheid CO2 die een auto uitstoot, en wordt vastgesteld op basis van de huidige NEDC-test. Tot 2019 blijft dit het geval, daarna wordt de bpm gebaseerd op de waarden die de WLTP-test oplevert. Dat kan ervoor zorgen dat nieuwe auto’s duurder worden. Ook de energielabels worden in 2019 aangepast aan de nieuwe testwaarden.

Voor de bijtelling is de WLTP-test niet erg relevant, omdat alle auto’s met verbrandingsmotor tegenwoordig in aanmerking komen voor 22 procent bijtelling. Elektrische auto’s hebben altijd 4 procent bijtelling, onafhankelijk van hun stroomverbruik.

Bron: